02/880.86.89 | info@brusshelp.org | Horaires

Pano Accueil NL

De website wordt druk vertaald. Wij danken u voor uw geduld en aarzel niet om contact met ons op te nemen indien nodig. Bedankt voor uw begrip.

Dakloosheid aanpakken via preventie, begeleiding en huisvesting

Bruss’Help is krachtens de ordonnantie van 14 juni 2018 (art. 62) belast met de coördinatie van noodhulpvoorzieningen en inschakelingsmaatregelen, evenals met het uitvoeren van studies en analyses over de problematiek van dakloosheid in Brussel.

Een actie-georiënteerd centrum: ons centrum, opgericht in 2019, verenigt Raadgevers die gespecialiseerd zijn in de studie van dak- en thuisloosheid, de coördinatie van projecten en globale interventievoorzieningen.

Meervoudige opdrachten: ondersteuning bij de planning, prognoses, ontwikkeling van een preventieve aanpak en begeleiding van de begunstigden naar duurzame oplossingen (toegang tot zorg, sociale rechten, huisvesting...).

We zijn een observatorium voor dak- en thuisloosheid: een documentatie- en onderzoekscentrum, dat een knooppunt is tussen de overheid en het maatschappelijk middenveld. Wij zijn gericht op "duurzame oplossingen en anticipatie".

 

  Onze visie  

 

Beste partners,

 

We zijn verheugd om met jullie de publicatie van ons activiteitenverslag 2025 te delen!

 

Ontdek een fragment uit het voorwoord:

 

"De werkelijkheid, overal en altijd, laat zich beschrijven zoals je een ui pelt. 2025 ontsnapt niet aan die regel. We denken dat we de werkelijkheid hebben beschreven, en een diepere laag dwingt ons om onze beschrijving te herzien. Telkens opnieuw.

We kunnen 2025 beschrijven als een jaar van bijna-politieke leegte. Die leegte heeft geleid tot het verlies van 600 nachten voor 1.000 mensen op straat, 600 dagen voor 3.000 mensen in noodopvangstructuren, en voor 6.000 anderen in niet-duurzame huisvesting. Dat komt neer op 6 miljoen extra nachten aan de kralenketting van onwaardigheid. Elke nacht moet worden vermeden. De politiek is erin geslaagd de bestaande voorzieningen te behouden, maar heeft duizenden mensen laten wegzinken. [...]

Deze [...] lagen van de ui, die tot tranen leiden, voldoen echter niet om een beeld te kunnen schetsen van 2025. Op institutioneel vlak hebben tal van actoren beslist hun strategie te herdefiniëren, vaak geïnspireerd door het Masterplan dat algemeen als sterk structurerend wordt beschouwd. Herfocussen op woonperspectieven, werken aan de autonomie van doelgroepen, middelen delen met andere actoren en de gezondheidskwestie integreren behoren tot de belangrijkste tendensen van deze strategische heroriëntaties."

 

 

Om het vervolg te lezen, kunt u het volledige verslag hier raadplegen.

 

Met vriendelijke groeten,

 

Het team van Bruss’help

 

Equipe Sophie 

 

Maak kennis met Sophie Van Cruchten,
coördinatrice van de transversale cel
sinds bijna 3 jaar.

 

Ik heb een bachelor in Communicatie – Public Relations behaald aan de IHECS.

Na mijn studie heb ik een jaar gewerkt als coördinatrice bij Responsible Young Drivers.

Daarna ben ik bij een mediabureau gaan werken, waar ik vijf jaar op de radioafdeling heb gewerkt.

Vervolgens ben ik bij mijn man gaan werken in zijn ondernemersavontuur.

Kort daarna raakte ik zwanger van onze zoon Achille. Toen hij tien maanden oud was, voelde ik de behoefte om weer in een professionele omgeving met een team te werken. Ik ging toen aan de slag bij het Koningin Fabiola Kinderziekenhuis, waar ik bijna acht jaar in de kinderpsychiatrie heb gewerkt als medisch secretaresse.
Ik werkte daar voor twee dagafdelingen: de ene voor kinderen met een vermoedelijke of bevestigde autismespectrumstoornis, de andere een ouder-baby-afdeling, bedoeld voor ouders en pasgeborenen die moeite hadden met het opbouwen van een vroege band.

Mijn taken waren daar zeer gevarieerd. Deze ervaring was buitengewoon verrijkend en ik heb enorm genoten van die jaren. We vormden hechte en toegewijde teams en ik onderhoud nog steeds waardevolle banden met de mensen met wie ik daar heb samengewerkt (kinderpsychiaters, psychologen, opvoeders, enz.).

Daarna wilde ik nieuwe uitdagingen aangaan en andere horizonten ontdekken, wat me bij Bruss’help heeft gebracht. Daar werkte ik eerst als directie- en evenementenassistente, voordat ik onlangs de functie van coördinatrice van de transversale cel op me nam.

Aan welke projecten werk je en wat zijn je dagelijkse taken?

Mijn eerste uitdaging in deze nieuwe functie was het opvangen van de extra werkdruk, het beheren van het toegenomen aantal vergaderingen en het me verdiepen in de verschillende onderwerpen. Al snel dienden zich nieuwe uitdagingen aan, waardoor ik meteen in het diepe kon springen 😊.

Dagelijks streef ik ernaar om zo beschikbaar mogelijk te zijn voor mijn team, met name via regelmatige één-op-één-gesprekken en het opvolgen van ieders dossiers, terwijl ik me maximaal inzet. Ik werk ook nauw samen met de directie en de andere coördinatiepool.

Daarnaast blijf ik taken uitvoeren die ik voorheen ook al had, zoals het organiseren van evenementen, het bijwonen van vergaderingen van de Raad van Bestuur en het opstellen van notulen van bepaalde vergaderingen, enz.

Wat boeit je het meest aan je huidige werk?

Ik waardeer de afwisseling in mijn taken, van coördinatie en evenementenorganisatie tot administratieve afhandeling en deelname aan overkoepelende projecten. Hierdoor leer ik elke dag iets nieuws en ga ik uitdagende taken aan, terwijl ik samenwerk met gemotiveerde en toegewijde collega’s.

En natuurlijk ben ik vooral enthousiast over het doel waarvoor het team van Bruss’help zich elke dag inzet. Ik vind het fijn om te denken dat mijn werk, ook al is het maar op kleine schaal, zinvol is en op zijn eigen manier bijdraagt aan een betere samenleving.

Kun je ons een gedenkwaardige anekdote vertellen uit je tijd bij het team?

Ik ben bezig een mooie voorraad sokken aan te leggen, zodat ik op kantoor op sokken kan rondlopen… en sommige van mijn collega’s kan vergezellen 😂😂😂😂

In de loop van de maand maart kwamen drie door Bruss'help geleide operationele overlegvergaderingen voor de tweede keer in 2026 bijeen. Deze ontmoetingsplatforms brengen respectievelijk de preventiediensten van de gemeenten, de dagopvangdiensten en de straathoekwerkdiensten samen. Tussen de 15 en 30 deelnemers kwamen bij elke overlegbijeenkomst bijeen om van gedachten te wisselen over de actualiteit in de sector en gemeenschappelijke uitdagingen in kaart te brengen.


Inhoud van de gesprekken

Tijdens deze bijeenkomsten kwamen verschillende actuele punten voor de sector aan bod:

  • De cel Dakloosheid van Vivalis kwam zich voorstellen, zodat de deelnemers een beter inzicht kregen in haar rol en opdrachten.
  • De discussies gingen onvermijdelijk over twee belangrijke actuele thema's in de sector: het einde van de winter- en koudeplannen en de Regionale Beleidsverklaring van de nieuwe regering.
  • Tijdens een rondvraag kon elke deelnemer het nieuws van zijn of haar organisatie delen, wat een goed overzicht gaf van wat er in de praktijk gebeurt.
  • Ten slotte werd de telling van 2026 ter sprake gebracht, om op deze deadline te anticiperen en een goede coördinatie tussen alle betrokken actoren te waarborgen.

Naast de actualiteit hebben deze overleggen geleid tot de oprichting van verschillende thematische werkgroepen die inspelen op de door de deelnemers geïdentificeerde behoeften.

Voor de overleggroepen „Dagopvang“ en „Straathoekwerk“ zullen werkgroepen zich buigen over het opstellen van een operationeel overzicht. Het doel is om duidelijk te maken wie wat doet en wanneer, teneinde de samenwerking en doorverwijzingen tussen diensten te vergemakkelijken.

Het overleg “Preventie/Gemeenten” heeft twee prioritaire uitdagingen geïdentificeerd die het onderwerp zullen vormen van specifieke werkgroepen. De eerste betreft de aanpak van het fenomeen van kampementen in de openbare ruimte, een problematiek die een gecoördineerde aanpak tussen de verschillende actoren vereist. De tweede, die ook door het overleg “Straathoekwerk” is gesignaleerd, betreft de situatie van mensen met psychische problemen, een grote uitdaging voor de teams in het veld.

Ruimtes die zich consolideren

Deze operationele overleggen, die eind 2024 van start gingen, passen in de coördinatietaak van Bruss'help. Ze maken het mogelijk om een algemene samenhang tussen de maatregelen te behouden, goede praktijken te delen en informatie tussen de actoren te verspreiden.

De volgende overlegvergaderingen vinden begin juni plaats, met een frequentie van eens per kwartaal, zodat een regelmatige opvolging kan worden gegarandeerd met inachtneming van de drukke agenda's van de deelnemers.

Sarah Van Gaens, adviseur bij Bruss’help, heeft onlangs als nationaal deskundige meegewerkt aan het 14e vergelijkende onderzoek naar dakloosheid, uitgevoerd door het Europees Observatorium voor Dakloosheid, in samenwerking met FEANTSA. Dit rapport onderzoekt de situatie van migranten die geen onderdaan zijn van de Europese Unie en met dakloosheid worden geconfronteerd in 16 lidstaten, met vergelijkende elementen met het Verenigd Koninkrijk.

De studie brengt een realiteit aan het licht die in veel Europese landen steeds zichtbaarder wordt: migranten vormen een aanzienlijk deel van de dakloze bevolking, met trajecten die vaak gekenmerkt worden door specifieke obstakels op het gebied van toegang tot rechten, huisvesting en begeleiding.

Het rapport analyseert hoe de verschillende nationale systemen op deze situaties reageren, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende statussen: asielzoekers, personen met internationale bescherming en personen zonder reguliere verblijfsstatus. Het benadrukt ook de grote verschillen tussen landen, zowel wat betreft opvangvoorzieningen als integratiebeleid, evenals de aanhoudende lacunes op het gebied van gegevens.

Volgens Sarah Van Gaens is het tegenwoordig onmogelijk om de strijd tegen dakloosheid te beschouwen zonder de migratiekwestie daar volledig in mee te nemen. De realiteit die in de praktijk wordt waargenomen, zowel in Brussel als elders in Europa, toont aan dat migratietrajecten en asielbeleid een directe invloed hebben op situaties van huisvestingsonzekerheid.

Deze bijdrage past in het streven van Bruss’help om het debat op verschillende niveaus te voeden door lokale bevindingen te koppelen aan Europese analyses. Ze herinnert ook aan het belang van het ontwikkelen van aangepaste oplossingen, rekening houdend met de diversiteit aan profielen en trajecten, om een coherenter en doeltreffender beleid uit te werken.

 

Bekijk de volledige studie: https://www.feantsa.org/resources/non-eu-migrant-homelessness

Nu we het einde van maart naderen, worden de wintervoorzieningen geleidelijk aangepast. Hier volgt een overzicht van de huidige situatie en de verlengingen die de afgelopen weken zijn aangekondigd.

Verlenging van de voorzieningen voor gezinnen

De wintercapaciteit voor gezinnen zal niet op de oorspronkelijk geplande datum worden gesloten. In overleg met de exploitanten en financiers is besloten tot verschillende verlengingen:

Het Marie-Curie-centrum, dat onder beheer van het Belgische Rode Kruis plaats bood aan maximaal 185 gezinnen, blijft open tot 30 juni 2026. De 60 plaatsen in het Plasky-centrum en de 40 plaatsen in het centrum van Evere, beheerd door New Samusocial, worden verlengd tot 31 december 2026.

Bovendien wordt de doelgroep van de 40 plaatsen van het BPTU-programma uitgebreid, met versterking van de psycho-medisch-sociale begeleiding.

Deze verlengingen zorgen voor continuïteit in de opvang en begeleiding van gezinnen in kwetsbare situaties, ook na de strenge winterperiode.

Plan voor extreme kou: gedeeltelijke voortzetting tot eind april

Wat de voorzieningen voor alleenstaande mannen betreft, hebben de capaciteiten die in het kader van het plan voor extreme kou beschikbaar zijn gesteld, theoretisch 10.335 overnachtingen opgeleverd sinds de opening eind december tot eind februari.

Van de 132 plaatsen die door Samusocial in het kader van het Plan voor extreme kou zijn geopend, zullen slechts 15 plaatsen zoals gepland op 31 maart in het Poincaré-centrum worden gesloten.

De 100 plaatsen in het WTC4-centrum, dat op 2 februari werd geopend en aanvankelijk op 20 maart zou sluiten, blijven in ieder geval tot eind april beschikbaar. De werkwijze blijft ongewijzigd: opvang van 17.00 tot 09.00 uur, met een systeem van drie opeenvolgende nachten en doorverwijzing naar duurzamere opvangvoorzieningen op basis van de vastgestelde kwetsbaarheden.

De 17 extra plaatsen in het Dubrucq-centrum blijven eveneens open tot eind april.

Een verlenging van de WTC4-regeling zou kunnen worden overwogen. De operationele modaliteiten van deze eventuele verlenging worden momenteel geanalyseerd en zullen het voorwerp uitmaken van overleg tussen de verschillende betrokken actoren.

En daarna?

Deze verlengingen en aanpassingen getuigen van de wil om geen abrupte breuk te creëren in de begeleiding van mensen, rekening houdend met de logistieke en budgettaire beperkingen. De besprekingen tussen de verschillende betrokkenen worden voortgezet om een overgang te garanderen die is afgestemd op de behoeften in het veld.

We houden u de komende weken op de hoogte van de ontwikkelingen met betrekking tot de voortzetting of definitieve sluiting van deze regelingen.